Schoor: verschil tussen versies

Uit Agriwiki
Regel 1: Regel 1:
'Schuin geplaatste paal, balk of stijl die iets schraagt, de druk van een belasting opvangt of een zijdelingsverband aanbrengt. Bijvoorbeeld onderdeel van een [[kapconstructie]]. Men spreekt onder andere van een steekschoor en een windschoor.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.406)
+
Een schoor is een schuin geplaaste houten onderdeel dat zorgt voor de stabiliteit van de constructie. Schoren komen  veel voor ijn [[kapkonstructies]] en [[gebintconstructies]]. In een gebintconstructie zorgt de schoor voor een stijve driehoek tussen de gebintbalk en de gebintstijl.  
  
 
===Steekschoor===
 
===Steekschoor===
 
'Schoor in een houtconstructie, boven met een [[pen]] in een gat gestoken, onder gespijkerd.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.436)
 
'Schoor in een houtconstructie, boven met een [[pen]] in een gat gestoken, onder gespijkerd.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.436)
  
===Windschoor===
+
===Windverband===
 +
In een kapconstructie zijn schoren vooral belangrijk voor het windverband. Een windverband moet de winddruk opvangen die haaks op de kapkonstructie staat. Als een kapconstructie geen goed windverband heeft kunnen de kapspanten scheef komen te staan (schranken). Het windverband kan op verschillende manieren gerealiseerd worden. Door een windschoor of een windlat. OOk het aanbrengen van een goed vast gepijkerd dakbeschot draagt bij aan het windverband. 
 +
 
 +
====Windschoor====
 
'Schuin oplopend stuk hout, in de lengte richting van de [[kapconstructie]] aangebracht tussen een spantdeel en een [[fliering]] of [[gording]]. Daarmee wordt de stijfheid van de kap in die richting verzekerd en de winddruk opgenomen. Ook: spreiband, windband, stormband.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.517)
 
'Schuin oplopend stuk hout, in de lengte richting van de [[kapconstructie]] aangebracht tussen een spantdeel en een [[fliering]] of [[gording]]. Daarmee wordt de stijfheid van de kap in die richting verzekerd en de winddruk opgenomen. Ook: spreiband, windband, stormband.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.517)
  
===Windlat===
+
====Windlat====
 
'Schuin oplopende lat, onder tegen een opeenvolgende serie [[daksporen]] gespijkerd om schranken tegen te gaan. Eerste vorm van windverband in een kapconstructie.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.516)
 
'Schuin oplopende lat, onder tegen een opeenvolgende serie [[daksporen]] gespijkerd om schranken tegen te gaan. Eerste vorm van windverband in een kapconstructie.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse ''Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie'' (4de druk, Leiden 2001), p.516)
  

Versie van 5 jun 2012 10:13

Een schoor is een schuin geplaaste houten onderdeel dat zorgt voor de stabiliteit van de constructie. Schoren komen veel voor ijn kapkonstructies en gebintconstructies. In een gebintconstructie zorgt de schoor voor een stijve driehoek tussen de gebintbalk en de gebintstijl.

Steekschoor

'Schoor in een houtconstructie, boven met een pen in een gat gestoken, onder gespijkerd.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.436)

Windverband

In een kapconstructie zijn schoren vooral belangrijk voor het windverband. Een windverband moet de winddruk opvangen die haaks op de kapkonstructie staat. Als een kapconstructie geen goed windverband heeft kunnen de kapspanten scheef komen te staan (schranken). Het windverband kan op verschillende manieren gerealiseerd worden. Door een windschoor of een windlat. OOk het aanbrengen van een goed vast gepijkerd dakbeschot draagt bij aan het windverband.

Windschoor

'Schuin oplopend stuk hout, in de lengte richting van de kapconstructie aangebracht tussen een spantdeel en een fliering of gording. Daarmee wordt de stijfheid van de kap in die richting verzekerd en de winddruk opgenomen. Ook: spreiband, windband, stormband.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.517)

Windlat

'Schuin oplopende lat, onder tegen een opeenvolgende serie daksporen gespijkerd om schranken tegen te gaan. Eerste vorm van windverband in een kapconstructie.' (E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.516)

Bron

De tekst is gebaseerd op:

  • E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.406
  • E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.436
  • E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.517
  • E.J. Haslinghuis en H. Janse Bouwkundige termen, Verklarend woordenboek van de westerse architectuur- en bouwhistorie (4de druk, Leiden 2001), p.516