Staphorster boerderij

Uit AgriWiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Het dorp Staphorst in het veenweidegebied van Overijssel is een echt veendorp. Opvallend is, naast de karakteristieke langgerekte vorm van de bebouwing, het vrolijk gekleurde schilderswerk van de boerderijen.

Ontginning

De ontginning van het Overijsselse drassige veengebied is in de Middeleeuwen begonnen vanaf een zandrug door het Veen. Die was hoog en droog genoeg om een weg aan te leggen en boerderijen op te bouwen. Vanaf de zandrug werd het veen ontgonnen tot landbouwgrond. Daarvoor werden allereerst sloten gegraven om het water af te voeren. In de loop van de tijd reikten de ontginningen steeds dieper het veen in. Daardoor ontstonden heel langgerekte kavels, veelal minder dan tachtig meter breed, maar kilometers lang.

Smalle kavels

Door verdeling en vererving zijn de kavels in de loop van de tijd steeds opnieuw in de lengte gedeeld. Een kavel van bijvoorbeeld tachtig meter breed werd dan bij een vererving verdeeld in twee of drie smallere kavels. Na verloop van tijd was er na weer een deling soms geen plaats meer voor nieuwbouw naast de oude boerderij. Dan werd achter de boerderij gebouwd, waardoor op sommige kavels twee of drie boerderijen achter elkaar kwamen te staan.

Langgerekte boerderijen

Vanwege de smalle kavels waarop de boerderijen in Staphorst staan, was ernaast meestal geen ruimte voor de bedrijfsgebouwen. Daarom zijn de boerderijen uitgebreid door ze, vaak meerdere malen, te verlengen. Het gevolg daarvan is dat in Staphorst heel karakteristieke, langgerekte boerderijen zijn ontstaan waarbij de diverse ruimtes achter elkaar liggen.

Vrolijke kleuren

Eveneens karakteristiek voor Staphorst zijn de vrolijke, felle kleuren waarin de boerderijen zijn geschilderd. Zo steken de helblauwe muurplinten en onderdorpels van vensters prachtig af bij de witte raamkozijnen. De deuren en luiken van een Staphorster boerderij zijn hardgroen geschilderd, wat nogal eens is gecombineerd met donkergroen. Daar tussendoor zijn accenten in rood aangebracht, zoals op de omlijsting van de witte panelen van de luiken of de spijlen voor het kelderraam.

Fraaie interieurs

Ook binnen stonden Staphorster boerderijen er ‘gekleurd’ op. De interieurs werden rijk versierd met kleuren en decoratieve elementen. In de woonruimte waren de muren met tegels bekleed, vaak ingelegd in een tegeltableau. Het houtwerk beschilderde men met motieven van appelbloesem op een rode ondergrond. Deze decoraties zijn in Staphorst geïntroduceerd door het kunstschildersgeslacht Goldsteen, dat zich omstreeks 1825 in het nabijgelegen Meppel vestigde.

De spoelkeuken

In de boerderij lag naast de woonkeuken vroeger de spoelkeuken. Ze werd gebruikt voor het ‘natte’ werk. In de brede middenbeuk van het woongedeelte ligt de grote woonkeuken, waarin zich vroeger een groot deel van het dagelijks leven afspeelde.

De sopketel

In de spoelkeuken van de boerderij stond een koperen sopketel op het vuur. Daarin werd vroeger het veevoer of ‘sop’ gekookt, dat aan de koeien werd gevoerd als ze op stal stonden. Om sop te maken werd van alles gebruikt: aardappelen, rogge, maar ook kaf of andere ‘afvalproducten’ van het bedrijf of uit de keuken. In de sopketel werd ook de was gedaan. De sopketel was daar zeer geschikt voor, niet alleen vanwege zijn omvang, maar ook omdat er een vuur onder kon worden gestookt om de was zonodig te koken.

Bron

De tekst is gebaseerd op:

  • 'Karakteristieke Staphorster boerderijen', Landleven 12e jaargang, nummer 5 – juli/ augustus 2007

Links

Verder lezen