11.0 De kleurkeuze

Uit AgriWiki
Ga naar: navigatie, zoeken
De keuze van de juiste kleur is een lastige, maar ook een hele leuke opgave. Foto: Bureau Helsdingen

Voor het schilderen moet er altijd een keuze gemaakt worden voor een bepaalde kleur. Dit is en blijft altijd lastig. Hieronder volgen enkele algemene adviezen.

Individuele smaakverschillen

Belangrijk is natuurlijk ook ieders eigen smaak. Kleuronderzoek is leuk en interessant, maar iemand kiest natuurlijk een kleur die hij of zij ook echt mooi vindt. Wat iemand mooi vindt, is afhankelijk van zijn persoonlijkheid, van zijn kennis van kleuren en kleurtoepassingen. Ook wordt de smaak van iemand beïnvloed door de mode in zijn omgeving.

Licht

Het is niet ondenkbaar dat mensen op een zonnige dag tot een andere keuze komen dan op een sombere dag. Licht is erg belangrijk bij het kiezen van kleuren. Lamplicht is veel geler dan daglicht. Beoordeel kleuren daarom niet binnenshuis onder de lamp, maar ga naar buiten en ga bij het te schilderen onderdeel staan. Liever niet in de felle zon en ook niet ‘s avonds. Felle zon verblindt teveel en avondlicht is te rood. Bekijk het strookje van dichtbij en van wat verder af. Kijk ook eens door de oogharen. Sluit de ogen en probeer u in te beelden hoe het geheel eruitziet als het geschilderd is.

Waaiers en strookjes

Wat het strookje betreft, een kleurenwaaier met wat grotere vakken is fijner dan één met kleine vlakjes. In veel winkels zijn gratis kleurstrookjes te krijgen. De meeste zijn qua kleur betrouwbaar en geven de bruikbare kleurnummers. Deze kleuren kunnen gemaakt worden in de verf van elke verffabrikant. Kleuren uit folders en boeken zijn onbetrouwbaar, ook de kleuren op uw beeldscherm! Folders en boeken worden gedrukt en dat is een ander procédé dan bij het maken van waaiers waar de verf opgespoten wordt.

Verf

Goede verf is duur. Koop altijd de beste kwaliteit verf. Dat is schilderskwaliteit. Dit geldt ook voor de grondverf. Een goede verf gaat langer mee en beschermt uw hout beter. Op de lange termijn bent u goedkoper uit, ook als doe-het-zelver.

Het Openluchtmuseum in Arnhem heeft er bij deze boerderij uit Oud-Beijerland voor gekozen om de verschillende kozijnen in andere kleurstellingen te schilderen. De kleurstelling past bij de ouderdom van het kozijn. Dit is wel educatief maar het is niet waarschijnlijk dat deze situatie zo ooit bestaan heeft. De eenheid binnen de gevel wordt hierdoor niet bevorderd. Foto: Bureau Helsdingen

Kleur in samenhang met zijn omgeving

Het spreekt vanzelf dat de kleuren van de kozijnen, ramen en luiken een harmonisch geheel moeten vormen. Maar we moeten kleur ook in een groter verband zien.

De gevel

De kleur en de indeling van de gevel zijn heel belangrijk. Een witte geschilderde gevel vraagt om een wat donkerder kozijn anders valt het kozijn weg in de gevel. Bestaat de gevel echter uit donker metselwerk, dan is een wat lichter kozijn mooier. Grote vlakken zoals de deeldeuren mogen niet te fel van kleur zijn. Een biesje daarentegen mag er best uitspringen (maar met mate). Voor gevels op het noorden is het raadzaam om wat lichtere kleuren te kiezen dan voor een gevel op het zuiden. Vroeger hielden de schilders hier ook rekening mee.

De omgeving

Ook de ligging van het pand is belangrijk. Staan er meerdere panden vlak naast elkaar dan moeten ze een harmonieus geheel vormen. Niets is storender in een mooi polderlint dan één pand dat helemaal uit de toon valt. Zijn de buurpanden wat verder weg, dan is men vrijer in de uiteindelijke kleurkeuze.

Pasklare oplossingen

Dit alles betekent dat de uitkomsten van het kleurenonderzoek zeker in het exterieur niet automatisch toe te passen zijn. Er zijn simpelweg geen pasklare oplossingen. Daarom zijn er bewust geen standaard kleurcombinaties in het boek ''Kleur op boerderijen'' vermeld. Wel worden hierin handreikingen gegeven om een op de historie geïnspireerde en verantwoorde keuze te maken.

Voor en Achter

Deze boerderij heeft ‘voor’ donkere standgroene ramen en luiken; ‘achter’ zijn de ramen en luiken middengroen/boerengroen. Foto: Bureau Helsdingen

Uit het onderzoek voor het boek Kleur op boerderijen is duidelijk naar voren gekomen dat binnen één gevel de vensters lang niet altijd tegelijkertijd dezelfde kleur hadden. Dit staat echter zo haaks op ons moderne kleurgevoel dat dit af te raden is. Anders ligt het bij de kleuren van voor en achter in een boerderij. Het is heel goed mogelijk om achter een andere kleur te geven dan voor, omdat dit een principieel kenmerk van de boerderij (namelijk het onderscheid tussen wonen en werken) benadrukt. Het is echter wel raadzaam om de kleuren van voor en achter zodanig op elkaar af te stemmen dat de overgang niet als storend ervaren wordt.

Moderne verf

Dan tot slot de verf zelf. Vroeger werd er in (lijn-)olieverf geschilderd. Tegenwoordig is er synthetische verf. Deze verf is altijd wat gladder, harder en glanzender dan de historische verf. Daarom is het raadzaam om in synthetische verf een iets zachtere tint te kiezen dan we gevonden hebben in lijnolie. Ook komt bij het maken van een kleurentrap, maar vooral bij de toverbal, de kleur feller naar voren dan zij in werkelijkheid was. Ook dat is een reden om de uiteindelijke kleur net één tint donkerder of matter te kiezen.

Verder lezen

Bron

Deze tekst is gebaseerd op:

  • Ineke de Visser, Kleur op boerderijen. In het groene hart van Holland (Hardinxveld-Giessendam 2006)

Deze publicatie is tot stand gekomen door eigen onderzoek en o.a. de volgende bronnen:

  • M. de Keijzer en P. Keune, Pigmenten en bindmiddelen (Amsterdam, 2001)
  • L. Simis, bewerkt door H. Janse, en J. Berghuis jr., Schilder- en Verfkunst (’s-Gravenhage, z.j.)
  • H.J. Zantkuyl, Bouwen in Amsterdam (Amsterdam, 1973-1992 p. 94-108)